Arme Rijk – Bette Westera en Sylvia Weve

Omslag Arme Rijk van Bette Westera en Sylvia WeveRijk is een arme jongen van wie de moeder op sterven ligt. Ze stuurt hem de wijde wereld in om te worden wie hij was. Hij krijgt van haar een appel, een ei en een knapzak vol stenen mee. Bette Westera en Sylvia Weve leveren met dit sprookjesachtige verhaal over een zoektocht naar de eigen identiteit voor de vierde keer een prachtwerk af. Vol magisch (realistisch)e gebeurtenissen en elementen die doen denken aan sprookjes en mythes: de oversteek op de rivier (Styx), de heg die dichtgroeit, het goud dat bevrijd wil worden, een hebberige herbergier, een huis dat niet dichterbij komt. Westera schrijft in een taal die kinderen begrijpen en voegt een extra laag toe, haar poëtische zinnen zingen. Het humoristische spel met taal loopt vloeiend over in de prenten van Weve: waar Rijk droomt over een bed van schapenwol en de dekens telt, tekent Weve de jongen onder talloze zwarte schapen. Sommige prenten zijn heel verstild, andere juist dynamisch en zwierig. Geweldige landschappen komen voorbij en ook het portret van de huilende koningin is indrukwekkend. Op de bijgeleverde cd leest Klemens Patijn de tekst ritmisch voor, ondersteund door de muziek van Martijn Rondel. Een sprookje, net even anders, door een topduo. Vanaf ca. 6 jaar. (NBD/Biblion)

  • Facebook
  • Twitter

***** Op zoek naar Violet Park – Jenny Valentine

Omslag Op zoek naar Violet Park van Jenny Valentine‘Een dode oude dame probeerde me vanaf haar plek op de plank wat bij te brengen over zestigplussers. Het gaf een goed gevoel, een haren-overeind-in-je-nek-gevoel, zoals wanneer je te gekke muziek hoort of wanneer je high bent en naast je zit iemand op wie je stiekem verliefd bent. Ik verdacht mezelf ervan dat ik het verzon, maar dat maakte nauwelijks wat uit. Ik verzin zoveel belangrijke dingen, bijvoorbeeld dat ik onweerstaanbaar ben voor meisjes, of dat ik chagrijnig en mysterieus ben zoals mijn vader, of ik verzin wat mijn vader op een bepaald moment aan het doen is, op dit moment bijvoorbeeld.’

Ik las eindelijk dit boek, dat al in 2008 in een vertaling van Jenny de Jonge in Nederland is verschenen. Wat een lekker boek.

Over hoe de 16-jarige Lucas op zoek gaat naar de persoon achter de dode dame in de urn en daarbij onverwacht ook steeds meer te weten komt over zijn vermiste vader. En hoe Lucas eerst zijn vader adoreert en baalt van zijn moeder en gaandeweg leert dat er over beiden misschien meer te zeggen valt.

Spannend, scherpe dialogen, met mensen van vlees en bloed. Niet alleen rozengeur en maneschijn, maar door de lichte zelfspot van Lucas ook zeker niet zwaar. Heerlijk debuut.

  • Facebook
  • Twitter

**** De evolutie van Calpurnia Tate – Jacqueline Kelly

Omslag De evolutie van Calpurnia Tate van Jacqueline Kelly‘Ik had mezelf nooit als andere meisjes gezien. Ik was niet van hun soort; ik was anders. Ik had nooit gedacht dt ik dezelfde toekomst als zij tegemoet ging. Maar nu wist ik dat het wel zo was, dat ik precies zo was als andere meisjes. Er werd van me verwacht dat ik mijn leven opgaf voor een huis, een man, kinderen. Het was de bedoeling dat ik mijn natuuronderzoek opgaf, mijn notitieboek, mijn geliefde rivier. Het had wel nut, een allerakeligst nut, al dat naaiwerk en koken waar ze me toe verplichtten, de slopende lessen die ik had veracht en vermeden. Koude en hete rillingen liepen over mijn lijf.’

Het verhaal komt langzaam op gang, maar pakt uiteindelijk wel doordat Calpurnia zo’n sympathiek personage is. Het verhaal geeft een aardig tijdsbeeld van Texas in 1899, maar geeft vooral een mooie impressie van de verstikkende rollenpatronen voor een 11-jarig meisje dat graag onderzoekster wil worden.

  • Facebook
  • Twitter

***** De zee kwam door de brievenbus – Selma Noort

Omslag De zee kwam door de brievenbus van Selma Noort‘Het vroor. Ik had het vreselijk koud, vooral waar mijn maillot nat was. Ik maakte me zorgen dat iemand zou merken dat ik in mijn broek had geplast. Maar de mensen in de boot letten niet op me. Ze rilden zelf van de kou. Ze huilden. Ze vouwden hun handen en smeekten God om hulp en medelijden.’

 

  • Facebook
  • Twitter

Een wereld van verhalen – Oliver Jeffers en Sam Winston

Omslag Een wereld van verhalen van Oliver Jeffers en Sam WinstonEen meisje – dat zichzelf een boekenkind noemt – nodigt een jongetje uit om mee op een fantastisch avontuur te gaan. Ze wijst hem de weg en daarna beklimmen ze samen ‘bergen van verbeelding’ en ‘ontdekken schatten in de duisternis’. Oliver Jeffers, bekend van ‘De krijtjes staken’ en ‘De ongelooflijk bijzondere boekeneter’, heeft voor dit prentenboek de tekst geschreven en de illustraties getekend; Sam Winston heeft de typografische landschappen gemaakt. Wat een prachtig boek levert hun samenwerking op. Het verhaal begint met een blanco kladblokblaadje, een kroontjespen en een inktpot: het verhaal kan nog alle kanten op. Het blaadje is daarna het zeil op het vlot van het meisje. Jeffers gebruikt de landschappen als metafoor voor de kracht en oneindige mogelijkheden van verhalen. De golven van de zee, de bergtoppen en grotten bestaan uit titels van toepasselijke teksten uit bekende kinderboeken en slaapliedjes; de bomen van het sprookjesbos zijn gemaakt van boeken. In de prenten die eerst vooral bestaan uit zwart-witte lijntekeningen en letters, komt langzamerhand steeds meer kleur: de verhalen winnen terrein op de serieuze zaken uit de krant. Mooie ode aan de fantasie voor jong en oud, met veel leestips om te ontdekken. Vanaf ca. 5 jaar. (NBD/Biblion)

  • Facebook
  • Twitter

Een zomer vol ponyplezier – Pippa Young en Eleni Livanios

Omslag Een zomer vol ponyplezier van Pippa Young en Eleni LivaniosLena is dol op pony’s. Bij Manege Appelbloesem in haar nieuwe woonplaats Wilgenbeek krijgt ze in ruil voor klusjes ponyrijles en springles. Op de manege heeft ze ook haar vriendinnen Julia en Romy leren kennen. Romy’s pony weigert tijdens een wedstrijd te springen. Lena maakt zich zorgen om de pony en om Romy. Tweede, onafhankelijk te lezen deel in de reeks ‘Manege Appelbloesem’. Vrolijk paardenverhaal, zonder de uitgesproken karakters van de meeste andere serieboeken. Julia was voorheen vrij bazig, maar dat is veranderd sinds Lena er is. En ook de zeer doelgerichte Romy leert op een prettige manier een wijze les van Lena. De idyllische omgeving rond de manege, de harmonieuze sfeer tussen de personages en de gezellige dialogen maken het tot een echt ‘feelgood-verhaal’. Het boek heeft een prettige lay-out: een groot, schreefloos lettertype, brede marges en een ruime interlinie. En op bijna elke spread is een zwart-witillustratie te vinden (‘superschattig en sfeervol’ volgens de uitgever), meestal van paarden en paardenmeisjes. Deze ‘zomer vol ponyplezier’ bezorgt liefhebbers van paardenverhalen ongetwijfeld veel leesplezier, ook iets oudere moeilijk lezende kinderen. Vanaf ca. 7 jaar. (NBD/Biblion)

  • Facebook
  • Twitter

Hoog en laag – Annie M.G. Schmidt en Annet Schaap

Omslag Hoog en laag van Annie M.G. Schmidt en Annet SchaapKees woont in een van de flats in een nieuwbouwwijk. Jelle woont in diezelfde wijk in een huis met een tuin. Ze zwaaien naar elkaar. Kees voelt zich opeens opgesloten in zijn flat en Jelle baalt dat hij alleen zijn tuin kan zien. Ze besluiten te ruilen. Een van de zes delen uit de nieuwe serie ‘Tijgerlezen’, boeken voor beginnende lezers waarbij geen rekening is gehouden met technische leesniveaus maar leesplezier vooropstaat. Dit verhaal van Annie M.G. Schmidt verscheen in 1972 onder de noemer ‘Waaidorp: leesstof voor de laagste klassen van de basisschool’ samen met een grammofoonplaat en liedjes. Een van die gedichten/liedjes staat achter in deze uitgave. Het is nog altijd een krachtig verhaal: de auteur laat haar beginnende lezers in heel kort bestek precies meevoelen wat Kees en Jelle ervaren, zonder hun enthousiasme of jaloezie te benoemen. Mooi hoe Annet Schaap hier een andere stijl gebruikt dan voor haar Superjuffie- of HOI-illustraties. De gemengde techniek met collegages zorgt voor een andere sfeer en maakt de beelden spannender. En die beelden – zoals de lege nieuwbouwflat en de twee verschillende thuissituaties – versterken ook de tekst. Lees- en kijkplezier voor beginnende lezers vanaf ca. 6 jaar. (NBD/Biblion)

  • Facebook
  • Twitter

Wij zijn tijgers! – Edward van de Vendel, Ingrid & Dieter Schubert

Omslag Wij zijn tijgers! van Edward van de Vendel, Ingrid en Dieter SchubertDikdik (een kleine antilope) Tex en stokstaartje Max vinden van zichzelf dat ze tijgers zijn. Olifantspitsmuis Wokkeltje heeft daar zo zijn bedenkingen bij: zijn vrienden lijken niet op en klinken niet als tijgers. Of toch wel? Eerste deel uit de nieuwe serie ‘Tijgerlezen’, een serie die vooral leesplezier beoogt. De boeken uit deze serie zijn niet ingedeeld volgens technische leesniveau’s, maar lopen wel op in moeilijkheidgraad. Auteur Edward van de Vendel en illustratoren Ingrid en Dieter Schubert hebben dit klein formaat prentenboek gemaakt. Zij werkten eerder samen aan ‘Opvrolijkvogeltje’. Het spel van de drie dieren wordt met veel humor verteld. De betweterige muis (‘Neehee,’ zegt Wokkeltje. Wij zijn geen tijgers.’) doet qua rol denken aan de muis uit ‘Bezoek voor Beer’. Max en Tex, met hun olijke blikken, gaan zo op in hun spel, dat ze niet veel oog hebben voor de omgeving. De (voor)lezer ziet wel wat er gebeurt, waardoor het verhaal nog grappiger en soms ook spannend wordt. Het duo Schubert roept de sfeer van de savanne prachtig op met een paar stenen, een waterplas en riet, een enkele boom en vooral veel kleur. De dieren zijn zeer expressief en hun bewegingen meevoelbaar. Leesplezier gegarandeerd. Vanaf ca. 4 jaar. (NBD/Biblion)

  • Facebook
  • Twitter

Stella: ster van de zee – Gerda Dendooven

Omslag Stella ster van de zee van Gerda DendoovenEen visser vindt in zijn net vol vissen een klein, levend meisje. De vissen en zijn vrouw nemen het meisje mee naar huis en noemen haar Stella Maris. Het meisje groeit op, gaat naar school en is altijd vrolijk. Totdat ze zo groot wordt, dat ze niet meer in de schoolbanken past en zonder ongelukken kan spelen. Wat nu? Dit verhaal is gebaseerd op het lot van de huidige vluchtelingenkinderen die over zee in een vreemde wereld terechtkomen. Stella ziet er in eerste instantie net zo uit als de andere visserskinderen, maar dat verandert naarmate ze blijft groeien. Haar stem klinkt ook anders en ze zingt in een taal die niemand begrijpt. Past Stella nog in het visserdorp? Past het vissersdorp nog bij haar? Geen lichte kost, maar Gerda Dendooven laat zien dat ook deze thematiek in kinderboeken thuishoort. Ze vertelt in zeer begrijpelijke taal hoe Stella’s leven is (‘Als ze niesde, waaiden de bladeren van de bomen.’). De beelden, in gemengde techniek met collage, geven de sfeer van het verhaal geweldig weer. Dat geldt eerst voor Stella’s uitbundigheid en later voor haar onmacht en eenzaamheid. De ietwat grove figuren passen perfect bij Stella en de vissers. Bijzondere, mooie prentvertelling; om met aandacht te lezen/bekijken en samen over te praten. Vanaf ca. 7 jaar. (NBD/Biblion)

  • Facebook
  • Twitter

Het verhaal van de gelaarsde poes – Beatrix Potter en Quentin Blake

Omslag Het verhaal van de gelaarsde poes van Beatrix Potter en Quentin BlakePoes Kitty sluipt elke nacht het huis van de oude dame uit om te gaan jagen. Dan trekt ze haar jagerspak en gevoerde laarzen aan en leent de luchtbuks van haar vriendin Jetje. Veel vangt Kitty niet en dan komt ze ook nog oog in oog te staan met heer Vos. Beatrix Potter (1866-1943) schreef dit niet eerder gepubliceerde verhaal in 1914. Het is een stuk minder braaf dan haar beroemde verhalen over Pieter Konijn. Kitty noemt zichzelf juffrouw Catherine St. Quintin, maar doet niet zo damesachtig en lief als ze eruitziet. Ze krabt als het nodig is, laat zich niet op haar kop zitten en geeft anderen graag de schuld. Een ik-figuur vertelt op een ietwat onderkoelde toon over Kitty’s avonturen (‘De manieren van juffrouw Kitty waren er niet erg op vooruitgegaan sinds ze zich inliet met stropende wezels.’). Quentin Blake (1932), bekend van zijn illustraties bij de verhalen van Roald Dahl, portretteert Kitty weergaloos: als dame én als jager. Zijn tekeningen zijn minder lieflijk dan die van Potter, maar passen daarom juist heel goed bij dit humoristische en stoere verhaal. Voor de echte Potterfans misschien even wennen, maar zeker de moeite waard voor kinderen die Pieter Konijn zijn ontgroeid. Vanaf ca. 7 jaar. (NBD/Biblion)

  • Facebook
  • Twitter